Het succes van de Verenigde Naties staat of valt met de ambitie van regeringen om vooruit te willen. België is een stichtend lid van de VN en is al langer een pleitbezorger van de beginselen van doeltreffend multilateralisme. Wij ondersteunen het VN-systeem ten volle, zowel met ons politiek engagement en geloof in de organisatie als met vaste en stabiele financiële bijdragen. Op het VN-hoofdkwartier verdedigen Belgische diplomaten de voornaamste prioriteiten van België, door ons land te vertegenwoordigen op VN-vergaderingen en -conferenties. Als EU-lid stemt België zijn standpunt ook af op dat van de 26 andere lidstaten, om te verzekeren dat de EU met één stem spreekt binnen de VN.
De strategieën en doelstellingen van het Belgische buitenlands beleid en de Belgische ontwikkelingssamenwerking sluiten aan bij die van de VN en van de specifieke VN-programma's, fondsen en -agentschappen. Wij streven er steeds naar om de goede samenhang tussen de drie basispijlers van de VN – met name vrede en veiligheid, ontwikkeling en mensenrechten –te versterken.
Onze missie in New York is momenteel medevoorzitter van verschillende Groups of Friends: waardig werk voor duurzame ontwikkeling, mentale gezondheid en welzijn, de minst ontwikkelde landen of least developed countries (LDC’s), racismebestrijding en actiegerichte wetenschap.
Vrede en veiligheid
De bevordering van de vrede en de veiligheid vereist veelzijdige en multidimensionale maatregelen op tal van gebieden, zoals terrorismebestrijding, het lot van kinderen bij een gewapend conflict en non-proliferatie en ontwapening.
Conflictpreventie, vredeshandhaving en vredesopbouw zijn hoekstenen van het Belgische buitenlands beleid. Zo speelde België een heel actieve rol in de onderhandelingen die geleid hebben tot het Verdrag van Ottawa inzake antipersoonsmijnen en tot de ondertekening van het Verdrag inzake clustermunitie. Ons land blijft de tenuitvoerlegging van het verdrag van nabij opvolgen, net als algemenere kwesties met betrekking tot handvuurwapens, lichte wapens en onontplofte oorlogsresten.
De voorbije jaren droeg België ook bij aan vredeshandhavingsoperaties in Somalië, Rwanda, ex-Joegoslavië, Libanon, de Democratische Republiek Congo, Soedan en Mali. De sterke wil van ons land om mee te bouwen aan internationale vrede en veiligheid komt ook tot uiting in ons actieve lidmaatschap van de Commissie voor Vredesopbouw (PBC of Peacebuilding Commission) en in ons voormalig voorzitterschap van de landenspecifieke configuratie van de PBC voor de Centraal-Afrikaanse Republiek.
Tot slot was België ook zes keer niet-permanent lid van de VN-Veiligheidsraad, met name in 1947-1948, 1955-1956, 1971-1972, 1991-1992, 2007-2008 en 2019-2020. In januari 2021 dienden we onze kandidatuur in om voor de termijn 2037-2038 opnieuw als niet-permanent lid in de Veiligheidsraad te zetelen
Mensenrechten
Als medegrondlegger van de VN is België een voorvechter van menselijke waardigheid, vrijheid, democratie, gelijkheid, de rechtsstaat en eerbiediging van de mensenrechten. België heeft de belangrijke mensenrechtenverdragen geratificeerd en richtte ook een aantal nationale instanties op, met een uitgebreid mandaat inzake de eerbiediging, bevordering en bescherming van de mensenrechten.
Dit zijn onze internationale prioriteiten wat de mensenrechten betreft:
- straffeloosheid bestrijden, de verantwoordingsplicht aanscherpen en de rechtsstaat versterken. In dat opzicht verleent België zijn volle steun aan het Internationaal Strafhof;
- de eerbiediging van de fysieke integriteit van elke persoon waarborgen, en daarbij ook ijveren voor de algemene afschaffing van de doodstraf;
- gelijkheid versterken en discriminatie tegengaan, met bijzonder oog voor de rechten van vrouwen, kinderen en kwetsbare personen;
- een lans breken voor alle mensenrechten, in hun ondeelbaarheid en met hun onderlinge afhankelijkheid. Dat wil zeggen civiele en politieke rechten, maar ook economische, sociale en culturele rechten, met inbegrip van waardig werk, sociale bescherming en respect voor internationale arbeidsnormen;
- streven naar een inclusieve economische groei als hefboom voor de uitroeiing van armoede en de uitbouw van duurzame ontwikkeling;
- racisme uitroeien door te bepleiten dat alle slachtoffers van racisme, rassendiscriminatie, vreemdelingenhaat en daarmee samenhangende onverdraagzaamheid dezelfde mate aan bescherming krijgen;
- de vrijheid van meningsuiting bevorderen, ook de persvrijheid, als kernwaarde van de democratie;
- de burgerlijke ruimte binnen landen en op VN-niveau promoten, en mensenrechtenverdedigers beschermen.
België zetelde in de VN-Mensenrechtenraad van 2009 tot 2012 en van 2016 tot 2018, en werd herkozen voor een termijn van drie jaar van 2023 tot 2025. België blijft ijveren voor een slagkrachtige en doeltreffende Mensenrechtenraad en voor de universaliteit en ondeelbaarheid van de mensenrechten. Ons land streeft ernaar om te verzekeren dat die Raad bij de behandeling van mensenrechtenschendingen zowel landensituaties als thematische kwesties aanpakt. Het is onze overtuiging dat een solide systeem van speciale VN-rapporteurs en onafhankelijke mensenrechtenexperts voor de Raad een uitstekend instrument is om mensenrechtensituaties in het veld aan te pakken. Daarom wil België met die rapporteurs en experts samenwerken en zal het zich blijven inspannen om de integriteit en onafhankelijkheid van de procedures te waarborgen. Ze hebben stuk voor stuk een permanente uitnodiging gekregen. België staat ook volledig achter het UPR-mechanisme (de Universal Periodic Review of het Universeel Periodiek Onderzoek) en doet er alles aan om een doeltreffende follow-up te waarborgen van de aanbevelingen die het tijdens zijn eigen onderzoek aanneemt. We zijn ook actief betrokken bij het overleg over de reviews van andere landen.
België is voorstander van een nauwere band tussen de Mensenrechtenraad en de Veiligheidsraad, waar kwesties zoals geweld tegen vrouwen in een conflictsituatie en de bescherming van kinderen in conflictgebieden overlappen. Ons land levert ook inspanningen om andere mensenrechteninstellingen verder uit te bouwen zoals het VN-Bureau van de Hoge Commissaris voor de mensenrechten (OHCHR). Aan de hand van niet-geoormerkte bijdragen aan OHCHR streven we ernaar om zijn onafhankelijkheid en onpartijdigheid te vrijwaren. België ondersteunt ook regionale organisaties zoals de Raad van Europa en de Afrikaanse Unie. We hameren op de noodzaak van een gezamenlijke EU-actie binnen dit domein en ondersteunen een sterke Europese mensenrechtendiplomatie. Ook de bijdrage van organisaties van de civiele samenleving waarderen we enorm. Dit zowel binnen de VN-instellingen als in de verschillende lidstaten.
(Duurzame) Ontwikkeling
Het ontwikkelingsbeleid van België berust op twee centrale pijlers: een op rechten gebaseerde aanpak enerzijds, en duurzame, inclusieve groei anderzijds. Die rechtenbenadering van ontwikkeling is geënt op het feit dat mensenrechten universeel, ondeelbaar en onvervreemdbaar zijn. Ze behelst een focus op broze en post-conflictsituaties met prioriteit aan de Grote-Merenregio en West- en Noord-Afrika. Die geografische klemtoon voorkomt versnippering en maakt het mogelijk om grensoverschrijdende kwesties zoals vrede, veiligheid, regionale stabiliteit, klimaat en migratie met de nodige samenhang te benaderen. Voorts is ons optreden doorweven van de beginselen van participatie en inclusiviteit in de besluitvorming, non-discriminatie, ongelijkheid, transparantie en verantwoording. Het uiteindelijke doel van onze ontwikkelingssamenwerking is om meer impact te genereren voor mensen en gemeenschappen.
De Belgische ontwikkelingshulp maakt ongeveer 0,45% van ons bruto binnenlands product (bbp) uit. België heeft daarbij de ambitie om 0,20% van het bbp toe te kennen aan de minst ontwikkelde landen (LDC’s). Ons land spendeert meer dan 100 miljoen euro per jaar aan de humanitaire respons van de VN, die heeft geleid tot steun aan de meest kwetsbare bevolkingsgroepen in talloze conflicten zoals Syrië, Irak, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Soedan, de Democratische Republiek Congo, de bezette Palestijnse gebieden, Guinee, Sierra Leone en Liberia.
De Belgische ontwikkelingscoördinatie spitst zich toe op 14 partnerlanden – 12 daarvan zijn LDC’s – en heeft 15 multilaterale partnerorganisaties wier kerntaken aansluiten bij de prioriteiten van ons ontwikkelingsbeleid: landbouw en voedselzekerheid (FAO, CGIAR), gezondheid (WHO, GFATM, UNAIDS), mensenrechten (OHCHR), gender en de rechten van de vrouw (VN-Vrouwen), kinderrechten (UNICEF), goed bestuur en capaciteitsopbouw (UNDP), demografie en seksuele en reproductieve rechten (UNFPA), waardig werk (IAO), migratie (IOM), milieu (UNEP) en daarnaast de Wereldbank (WB) en het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Ook met specifieke humanitaire organisaties (UNHCR, OCHA, WFP, UNRWA, UNICEF, FAO) werken we al langer samen.
Financiële bijdragen aan het VN-systeem
België is een belangrijke financiële bijdrager aan de VN. De reguliere VN-begroting (ongeveer 3,8 miljard dollar per jaar) en de vredeshandhavingsoperaties van de organisatie worden gefinancierd via verplichte bijdragen van de lidstaten. Op basis van het beginsel van de ‘capacity to pay’ of betalingscapaciteit bedraagt het Belgische aandeel in het totale VN-budget momenteel 0,773%. De kosten worden betaald door de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.
Trouw aan onze verbintenis voor een doeltreffend multilateralisme, doet België er alles aan om zijn verplichte bijdragen aan de VN volledig en tijdig te betalen, zodat de organisatie haar opdracht optimaal kan vervullen. Als blijk van erkenning staat België steevast op de ‘honor roll’ van het VN-Secretariaat, de lijst van trouwe bijdragers aan de reguliere begroting.
Daarnaast geven lidstaten ook vrijwillige bijdragen aan de VN, de gespecialiseerde organisaties,
agentschappen, fondsen en programma's. Ook daar is België een belangrijke geldschieter. De afgelopen jaren liep onze bijdrage op tot om en bij de 100 miljoen euro, onder meer voor fondsen en programma's die in New York zijn gevestigd zoals UNICEF, UNDP, UNFPA en VN-Vrouwen. Die toelagen komen grotendeels van de federale ministeries (vooral Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking). Die zijn doorgaans niet geoormerkt en krijgen de vorm van meerjarige ‘core funding’ aan de ondersteunde organisaties.